Twee personen zijn op maandag 23 februari staande gehouden voor het vangen van 158 kilo tapijtschelpen op het Veerse Meer. De stropers waren met waadpakken in het water bezig, toen ze betrapt werden tijdens een gezamenlijke surveillance van de boa’s van RUD Zeeland en de NVWA. Ze brachten zichzelf daarnaast in een levensgevaarlijke situatie.
Tegen de twee wordt een proces-verbaal opgemaakt. De verdachten waren met een supboard en een waadpak naar een eiland in het Veerse Meer gevaren. Het supboard, de waadpakken en de buit van 158 kilogram tapijtschelpen zijn in beslag genomen.
De mannen brachten zichzelf tijdens het stropen ook in gevaar. Eén van hen gaf aan dat hij niet kon zwemmen. RUD Zeeland waarschuwt voor de gevaren van varen op het Veerse Meer met een waadpak. Met een waadpak is het vrijwel onmogelijk om te zwemmen en in combinatie met de watertemperatuur is dit levensgevaarlijk.
Visstroperij, oftewel vissen zonder vergunning, is schadelijk voor milieu, natuur en mens. Illegale visserij tast watergebieden aan, verstoort de visstand en vermindert de biodiversiteit in wateren en plassen. Daarnaast is visstroperij nadelig voor zowel de beroeps- als de sportvisserij.
Tapijtschelpen spelen een belangrijke rol in het ecosysteem: ze filteren het zeewater, dragen bij aan een gezonde zeebodem en vormen een essentiële schakel in de voedselketen. Illegale bevissing maakt deze kwetsbare populaties extra gevoelig voor overexploitatie en kan leiden tot blijvende schade aan natuur en waterkwaliteit.
Ook vormt illegale visserij een risico voor de voedselveiligheid, omdat er geen controle plaatsvindt en de herkomst van gestroopte vis en schelpdieren onbekend is. De NVWA treedt daarom samen met andere handhavende organisaties streng op tegen visstroperij.
